Toegankelijkheid is geen project, het is een status die je verdient
Een website toegankelijk bouwen is het begin. De wet verwacht een verklaring, een audit en een jaarlijkse update. Hoe het viertraps-statusmodel werkt en waar de meeste organisaties terugvallen.
Stel: je organisatie lanceert een nieuwe website. De bouw is zorgvuldig aangepakt, de developer heeft WCAG-checks gedaan, en bij oplevering klopt de code. Een jaar later publiceert iemand een nieuw nieuwsbericht, voegt een collega een PDF toe zonder tags, en laadt een redacteur een video op zonder ondertiteling. De website is nog steeds "toegankelijk gebouwd". Maar voor een gebruiker met een schermlezer is hij dat allang niet meer.
Dat is precies het patroon dat de cijfers laten zien. Van alle overheidswebsites met een toegankelijkheidsverklaring heeft slechts 4% aantoonbaar status A. En 32% van die verklaringen is het afgelopen jaar niet bijgewerkt, terwijl dat wettelijk verplicht is (Digimonitor 2025). Niet omdat die organisaties slordig bouwden, maar omdat ze toegankelijkheid behandelden als een eenmalig bouwproject in plaats van een status die je elk jaar opnieuw verdient.
Wetgeving zet de klok, ook voor de private sector
Overheidsorganisaties zijn al sinds 2018 gebonden aan het Besluit digitale toegankelijkheid overheid, dat WCAG 2.1 AA als norm stelt en een gepubliceerde toegankelijkheidsverklaring verplicht. Dat is geen nieuws meer.
Wat wel nieuw is: per 28 juni 2025 is de Europese Accessibility Act (EAA) van kracht, en die trekt de verplichting fors breder. Webshops, banken, telecom, vervoer en andere consumentgerichte private diensten vallen er nu ook onder. In Nederland houdt de ACM toezicht. Boetes kunnen oplopen tot 900.000 euro of 10% van de jaaromzet (Cardan, 2026). De vraag is dus niet langer of toegankelijkheid verplicht is, maar voor wie, en hoe aantoonbaar.
Het proces in vier stappen, niet in één klap
Hier zit de denkfout die veel organisaties maken: ze zien toegankelijkheid als een eindstation. Volledig WCAG 2.1 AA, of het telt niet. In werkelijkheid is het een traject met vier statussen, en de wet verwacht dat je ergens op die ladder staat, niet meteen bovenaan.
Status D is waar je begint zonder iets te doen. Geen verklaring, geen onderzoek, niet voldaan aan de wet. Dat is ook waar je terugvalt als je geldigheidstermijnen laat verlopen.
Status C krijg je zodra je een verklaring publiceert op het centrale register (te vinden via toegankelijkheidsverklaring.nl). Geen onderzoek nodig, alleen een eerlijke beschrijving van waar je staat. Deze status is zes maanden geldig en bedoeld als startpunt: je geeft aan dat je weet dat je iets moet doen, en je hebt het in gang gezet. Voor veel organisaties is dit de eerste stap binnen de wettelijke kaders.
Status B bereik je als je binnen die zes maanden een toegankelijkheidsaudit laat uitvoeren door een erkend bureau en een verbeterplan publiceert. In de praktijk bevinden de meeste overheidsorganisaties zich in deze fase: er is een verklaring en een audit, maar het traject om volledig te voldoen loopt nog. Status B betekent dus niet dat je nog niet aan de wet voldoet, het betekent dat je er transparant in zit.
Status A is het einddoel: aantoonbaar volledig voldaan aan WCAG 2.1 AA, onderbouwd door een audit zonder openstaande punten. Slechts 4% van de overheidssites haalt dit (Digimonitor 2025), en dat is begrijpelijk. Het is een hoge lat.
De termijnen die deze status bewaken
Toegankelijkheid op niveau houden is geen kwestie van één keer goed doen. De wet werkt met geldigheidstermijnen, en wie die laat verlopen, valt automatisch terug naar status D.
Een audit (de basis voor status A of B) is drie jaar geldig. Daarna is heronderzoek verplicht. De verklaring zelf moet minimaal één keer per jaar worden geüpdatet, en die jaarlijkse update hoef je niet door het auditbureau te laten doen. Wel moet er vooruitgang zichtbaar zijn: opgeloste toegankelijkheidsproblemen, voortgang op het verbeterplan, geactualiseerde informatie over waar je staat. Een verklaring die een jaar lang exact hetzelfde zegt, voldoet niet aan de wet, zelfs als de inhoud nog klopt.
Status C, zonder onderzoek, is zes maanden geldig. Dan moet er een audit liggen, anders verlies je je plek binnen het wettelijke kader.
Die 32% van de verklaringen die niet is bijgewerkt, zijn dus niet sites die slechter zijn geworden. Het zijn sites die de jaarlijkse update hebben overgeslagen, en daarmee terug zijn gevallen onder de wettelijke radar.
WCAG rust op vier principes, niet op een checklist
WCAG 2.1 AA is de internationale norm die de inhoud van de audit bepaalt. Het raamwerk is opgebouwd rond vier principes: waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust. Samen bepalen ze of een website voor iedereen bruikbaar is, ook voor mensen die een schermlezer gebruiken, alleen met een toetsenbord navigeren, of moeite hebben met snel bewegende of kleine tekst.
Elk principe vertaalt zich naar concrete eisen. Waarneembaar betekent onder meer dat afbeeldingen een alt-tekst hebben, dat video's zijn ondertiteld, en dat kleurcontrast voldoende is (4,5:1 voor gewone tekst). Bedienbaar betekent dat alle functies via het toetsenbord bereikbaar zijn, met zichtbare focus-indicatoren. Begrijpelijk vraagt om leesbare taal, foutmeldingen die uitleggen wat er mis ging, en consistente navigatie. Robuust gaat over semantische HTML en correcte ARIA-attributen, zodat hulptechnologie de pagina correct kan interpreteren.
Wat veel organisaties onderschatten: meer dan 80% van de verplichte WCAG-eisen is niet automatisch te toetsen. Geautomatiseerde tools detecteren slechts een fractie van de barrières die gebruikers daadwerkelijk tegenkomen (Digitoegankelijk, 2025). Een Lighthouse-score of een geautomatiseerde scan geeft een startpunt, geen eindoordeel. De audit, uitgevoerd door mensen die ook handmatig testen, is wat status B of A onderbouwt.
Waar de meeste organisaties terugvallen
De wet maakt onderscheid tussen een toegankelijke oplevering en een toegankelijke website. De eerste is een bouwkwaliteit, de tweede is een beheerstatus. En precies daar zit het lek.
Een zorgvuldig ontwerptraject brengt de technische laag op orde. Semantische HTML, correcte kopstructuur in de templates, toegankelijke contentblokken, voldoende kleurcontrast in de huisstijl: dat zijn de voorwaarden waarop redacteuren kunnen voortbouwen. Een CMS met goed ingerichte contentblokken helpt enorm, omdat het redacteuren structuur biedt zonder dat ze elke keer opnieuw hoeven na te denken over de technische opzet.
Maar dat is de bodem, niet het dak. De meeste toegankelijkheidsproblemen na oplevering ontstaan niet in de code, maar in de content: ontbrekende alt-teksten bij nieuwe afbeeldingen, gebroken kopstructuren omdat iemand een H3 gebruikte waar een H2 hoorde, jargon dat voor een breed publiek onbegrijpelijk is, en video's die zonder ondertiteling worden geplaatst omdat dat nu eenmaal sneller gaat.
De meeste handhavingszaken uit het eerste EAA-jaar draaien dan ook niet om technische code. In november 2025 startten Franse toezichthouders procedures tegen vier grote retailers, waaronder Carrefour en Auchan, omdat gebruikers de checkout niet konden afmaken (Cardan, 2026). Niet omdat de pagina's er slecht uitzagen, maar omdat ze voor mensen met een hulptechnologie onbruikbaar waren. Dat soort barrières komt zelden uit de oplevering. Die ontstaan in het beheer.
Wat dit vraagt van een organisatie
Een audit kost doorgaans tussen de 1.500 en 5.000 euro en is drie jaar geldig (Proper Access, 2026). Dat is overzichtelijk geld voor een driejarige periode. De echte investering zit elders: in hoe je het publicatieproces inricht, zodat de status die je via de audit bereikt, niet binnen drie maanden weglekt in het CMS.
Concrete maatregelen die het verschil maken: een redacteur-checklist bij publicatie (alt-tekst aanwezig? kopstructuur logisch? leesniveau gecontroleerd?), periodieke steekproeven op nieuwe content, training in toegankelijk schrijven en beeldgebruik, en een heldere afspraak over wie verantwoordelijk is als iemand een klacht indient. Dat laatste is belangrijker dan het klinkt: de EAA verplicht organisaties ook tot een klachtenprocedure.
En, niet te vergeten: één persoon in de organisatie die elk jaar de verklaring tegen het licht houdt, de voortgang documenteert, en de update publiceert. Zonder die rol verloopt de termijn ongemerkt, en sta je terug op status D.
Een gefaseerde route is reëler dan een big bang
Toegankelijkheid in één klap op AA-niveau brengen is zelden haalbaar en zelden nodig. Een gefaseerde aanpak levert meer resultaat per euro, en past beter bij hoe de wet is opgebouwd.
Begin met wat browsers al bieden: semantische HTML die correct is opgebouwd, alt-teksten op alle afbeeldingen, een logische kopstructuur. Dat zijn snelle winsten die weinig kosten en veel opleveren, ook voor zoekmachines. Een toegankelijk gebouwde pagina is voor zoekmachines en AI-systemen beter leesbaar dan een pagina vol afbeeldingen en JavaScript-blokken, wat direct bijdraagt aan vindbaarheid.
Publiceer dan een verklaring (status C), plan de audit binnen zes maanden (status B), en gebruik het verbeterplan als prioriteringslijst. Welke criteria leveren de meeste gebruikerswinst, en welke vragen een grotere technische ingreep? Documenteer keuzes en uitzonderingen, zodat je bij een controle kunt verantwoorden wat je deed en waarom. Dat is precies wat een toegankelijkheidsverklaring vraagt: niet perfectie, maar transparantie over waar je staat en wat je doet om verder te komen.
Status A volgt dan als sluitstuk, op het moment dat de openstaande punten zijn opgelost. Niet als startpunt, maar als beloning voor een proces dat werkt.
Het verschil tussen voldoen en verdienen
Terug naar die website uit de opening. Het probleem zat niet in de bouw. Het zat in wat er daarna gebeurde: content die werd toegevoegd zonder dat iemand wist wat toegankelijk publiceren vraagt, en een verklaring die niet werd geüpdatet.
De wet verwacht geen perfectie bij oplevering. Ze verwacht een verklaring die klopt, een audit die binnen zes maanden volgt, een verbeterplan dat wordt uitgevoerd, en een jaarlijkse update die laat zien dat je nog steeds bezig bent. Dat is een andere opdracht dan een bouwproject afronden. Het vraagt om redacteuren die weten wat ze doen, afspraken die het publicatieproces structureren, en iemand die de termijnen bewaakt.
Wie dat goed organiseert, voldoet niet alleen aan de wet. Die houdt ook de status die de audit opleverde.
Verder lezen
Schwung | bureau voor webdesign en web development Tilburg, over hoe Schwung websites bouwt met toegankelijkheid als ingebakken werkwijze, niet als nagedachte.
Schwung | merkontwikkeling, activatie, groei en bewaking, over merkwerk dat in elke fase blijft kloppen, ook in het dagelijks beheer na oplevering.
Bronnen
- Bijna een jaar European Accessibility Act: 5 lessen voor bedrijven uit het eerste handhavingsjaar | Cardan · 2026
- Jaarmonitor Digitale Toegankelijkheid 2024 | Digitoegankelijk · 2025
- Monitor digitale toegankelijkheid 2025 | Digimonitor · 2025
- Toegankelijkheid laten onderzoeken | Digitoegankelijk · 2025
- Wat kost een toegankelijkheidsaudit? | Proper Access · 2026
Daag ons maar uit.
Een merk-, design- of marketingvraag? We denken graag mee.